Waarom het modelen van innerlijke spraak werkt bij begrijpend lezen

Grip op begrip

Waarom het modelen van innerlijke spraak werkt bij begrijpend lezen

Hoe vaak hoor je dat er niet goed gelezen is? Op televisie komt het zelfs geregeld voor.

Hilarisch, bij De Alleskunner kwam dit afgelopen aflevering naar voren. Het is moeilijk om in een stressvolle situatie de juiste informatie uit de tekst te filteren en de opdracht goed te maken. Deelnemers lezen over tekstelementen heen die cruciaal zijn om de opdracht te maken en dan gaat het mis.

De producent brengt het extra in beeld. Heerlijke televisiemomenten.

Ik vind het herkenbaar, omdat ik een klein onderzoekje had gedaan. Ik neem je in deze blog in mijn bevindingen.

 

Tekstelementen ontdekken in de tekst

Waarom er over tekstelementen heen wordt gelezen

Dit zijn de gevolgen van het oppervlakkig lezen

Een klein onderzoek

Hoe de leerling alert blijft op wat hij/zij leest

 

Tekstelementen ontdekken in de tekst

In een zin staan allerlei zinsdelen.

Bijvoorbeeld in de zin: Piet fietst naar school. Wanneer ik naar deze zinsdelen kijk, zie ik een persoon, een actie en een locatie. Het zijn verschillende zinsdelen die betekenis geven aan de tekst.

Er zijn nog meer manieren waarop het woord ‘tekstelementen’ wordt uitgelegd, maar voor deze blog richt ik mij op de tekstelementen die betekenis geven aan de tekst. Ik kom er nog op terug.

 

Waarom er over tekstelementen heen wordt gelezen

Helaas lezen veel mensen over allerlei informatie heen. Je kunt tenslotte niet alles onthouden of opmerken, zou je denken. En daar ben ik het deels mee eens.

Want ik ontdekte dat er veel te weinig innerlijke spraak is tijdens het lezen.

Om weer bij de voorbeeldzin terug te komen: Piet fietst naar school. Dan zou de innerlijke spraak kunnen zijn:

  • Ik zie hier een persoon, de naam is Piet, dus een jongen of een man.

  • Wat is hij aan het doen? Ah…hij fietst.

  • School is een plek, dus de vraag is: waar gaat hij naar toe? Naar school.

  • Ik maak een plaatje in mijn hoofd hoe dat eruit ziet.

Dat dit niet bij iedere zin wordt toegepast, begrijp ik heel goed. Want het is best lastig om continue alert te zijn op wat je leest. Er zit zoveel informatie in een tekst.

 

Dit zijn de gevolgen van het oppervlakkig lezen

Het niet alert zijn op wat er in de tekst staat, leidt tot missers. Misverstanden, aannames en verkeerd beantwoorde vragen.

En dit gebeurt juist ook in het onderwijs.

 

Een klein onderzoek

Dat ontdekte ik tijdens een tekst met 3 perspectieven.

  1. De schrijver doet een appel op de lezer (Doe jij.?)

  2. De schrijver geeft informatie over hoe andere mensen het probleem ervaren.

  3. De schrijver geeft informatie hoe een organisatie het oplost.

De personen aan wie ik deze tekst voorlegde waren divers: leerkrachten uit meerdere teams, directeuren, intern begeleider, remedial teachers, ouder, hoogbegaafde leerlingen van verschillende scholen. Totaal 66 unieke personen.

Daarbij gaf ik de opdracht: over wie gaat het in deze tekst?

Goed gescoord was als jij, mensen en de organisatie alle drie volledig benoemd werden.

Slechts 2 van de 66 personen konden zelfstandig de 3 perspectieven benoemen. Dat is 3%.

De positieve score bleek van 2 van de 40 leerkrachten te zijn.

Bekijk de tabel en grafiek.

Dus maar 2 leerkrachten waren alert vanaf het begin van de tekst.

Omdat ik wilde weten of dit een eenmalig gebeuren was, heb ik controle gedaan met een andere tekst, deels met dezelfde mensen maar ook andere volwassenen heb ik gevraagd en deels met leerlingen van de basisschool. Maar ook daar gebeurde hetzelfde. De wie-vraag werd eenzijdig beantwoord.

En dat vond ik schokkend. Als leerkrachten aan leerlingen moeten aanleren om goed te lezen, dan moeten ze dat wel zelf goed kunnen voordoen. Want goed voorbeeld doet goed volgen. Gelijk vanaf het begin van de tekst.

De details moeten gaan opvallen, dan groeien leerlingen harder in begrip en maken ze minder fouten.

Wist je dat 50% van de fouten die gemaakt worden focusfouten zijn. Focusfouten zijn fouten die te maken hebben met waarnemen, nauwkeurig zijn, niet impulsief zijn en niet blokkeren, zoals Stibco aangeeft.

Die fouten moeten op zijn minst voorkomen worden.

 

Hoe de leerling alert blijft op wat hij/zij leest

Het begint met woord na woord, zin na zin goed en gedegen lezen. Ja, het is een ouderwets woord: gedegen.

Gedegen:

  • Met oplettendheid lezen.

  • De tijd en de rust ervoor nemen.

  • Een filmpje maken in het hoofd waar de tekst over gaat.

  • Tussenvragen stellen.

  • De grammatica van begrijpend lezen begrijpen. Ja, begrijpend lezen heeft een grammatica, dat helpt leerlingen bij de innerlijke spraak.

  • Gaan staan in de schoenen van de schrijver, waar zie hij/zij, waar maakt hij/zij zich druk over en dat gaan begrijpen.

Natuurlijk kan samen praten over de tekst, maar leerlingen moeten het zelf ook kunnen.

De leerling moet tegen zichzelf gaan praten, de innerlijke spraak moet zich ontwikkelen. Zo blijven ze alert op wat ze lezen en krijgt de tekst steeds meer betekenis. Daar gaan resultaten mee omhoog.

Leerlingen hebben leerkrachten nodig die voordoen hoe de innerlijke spraak werkt. 

Nieuwsgierig waarom leerlingen nog meer niet lezen wat er staat, lees dan verder.

Neem contact op, ik help je graag met het op gang brengen van de innerlijke spraak bij leerlingen.

error: kopiëren is niet toegestaan