De slimste manier om de brug te leggen van het nieuwe curriculum Nederlandse taal naar dagelijkse lessen

Grip op begrip

De slimste manier om de brug te leggen van het nieuwe curriculum Nederlandse taal naar dagelijkse lessen

Door Terena Spijker-Kroon

Het nieuwe curriculum komt er aan. De kerndoelen en eindtermen worden geactualiseerd voor de toekomst. Er wordt hard aan gewerkt door heel veel mensen, zodat er mooie doorlopende leerlijnen, minder overladenheid, verbeterde samenhang in het onderwijs en balans in de 3 hoofddoelen van het onderwijs komen: kwalificatie, socialisatie en persoonlijke vorming.

Dit artikel bereid je voor op het nieuwe curriculum en dan specifiek gericht op een groot deel van de Nederlandse taal:

  • Wat de kern is van het nieuwe curriculum Nederlandse taal. 

  • Hoe je de brug legt tussen de kerndoelen van het leergebied Nederlands en de dagelijkse lespraktijk

  • Hoe je eenvoudig extra lestijd creëert.

  • Hoe je begrijpend lezen blijft inbedden andere leergebieden.

  • Samenvatting, hoofdgedachte en conclusie.

 

Wat de kern is van het nieuwe curriculum Nederlandse taal.

Het curriculum bestaat uit verschillende leergebieden, waaronder de Nederlandse taal.

Ook bij de Nederlandse taal is er een balans gezocht in de 3 hoofddoelen van het onderwijs:

  • Kwalificatie: het ontwikkelen van de beheersing van de standaardtaal Nederlands

  • Socialisatie: kennis en inzicht in taal en cultuur. Zo worden leerlingen op termijn actieve en kritische burgers om verantwoordelijkheid in de samenleving te nemen.

  • Persoonsvorming: taal als middel in aangaan van relaties en expressie te geven aan ervaringen, gedachten en intenties of er kennis van te nemen bij de ander, cultuur.

De 3 hoofddoelen zijn uitgewerkt in 3 kerndoelen om het leergebied Nederlands inhoud te geven. Hierbij leren leerlingen omgaan met mondelinge, schriftelijke, digitale en multimodale teksten in allerlei vormen en uitingen:

  • Taal en communicatie: communiceren van emoties, ervaringen, meningen en feiten in verschillende situaties en over verschillende onderwerpen. Ze leren doelgericht communiceren, dat wil zeggen rekening houden met doel, ander/publiek, situatie, woordkeus, zinsbouw. Ze hebben inzicht in hoe taal in elkaar zit en hoe taal betekenis geeft, leren systematisch over taal na te denken en te communiceren.

  • Taal en cultuur: cultuur begrijpen en expressief uiten in heden en verleden.

  • Taal en identiteit: normen, waarden, opvattingen, gedachten, (uitgestelde of onderbouwde) meningen, gevoelens, keuzes, ideeën en intenties vanuit eigen perspectief en andere perspectieven bespreken.

Deze 3 kerndoelen hangen met elkaar samen en hebben overlappingen. Dat is uitgewerkt in grote opdrachten.

  • Grote opdracht 1: Interactie en een rijk taalaanbod dragen bij aan de taal- en denkontwikkeling

  • Grote opdracht 2: De competente taalgebruiker blijft een leven lang zijn taal en taalgebruik ontwikkelen

  • Grote opdracht 3: De competente taalgebruiker ontwikkelt zijn taal- en cultuurbewustzijn in een meertalige samenleving

  • Grote opdracht 4: Experimenteren met taal en vormen van taal stimuleert het zelfvertrouwen en plezier in taal

  • Grote opdracht 5: De competente taalgebruiker communiceert doelgericht

  • Grote opdracht 6: De competente taalgebruiker zet taal in bij het kritisch verwerken van (digitale) informatie.

  • Grote opdracht 7: Leesmotivatie en de ontwikkeling van literaire competentie stimuleren leerlingen lezers te worden en te blijven.

Deze grote opdrachten zijn uitgewerkt in bouwstenen met eenzelfde titel als grote opdrachten. Met uitzondering dat rijke teksten als onderlegger/basis voor alle grote opdrachten (en eigenlijk het gehele onderwijs) gebruikt moeten worden. Leerlingen hebben bij het gehele leergebied Nederlands rijke teksten nodig. Dat zijn mondelinge, schriftelijke, digitale en multimodale teksten.

Per bouwsteen is uitgewerkt:

  • een doorlopende leerlijn

  • samenhang binnen het leergebied Nederlandse taal

  • samenhang met andere leergebieden

  • brede vaardigheden (21th century skills)

  • uitwerking voor

    • A: onderbouw po – fase 1 met kennis en vaardigheden

    •     bovenbouw po – fase 2 met kennis en vaardigheden

    • B: onderbouw vo met kennis en vaardigheden

    • C: bovenbouw vo met aanbevelingen

  •  

Wat ik hierboven voor je heb samengevat is de kern van het concept curriculumvoorstel leergebied Nederlands, inclusief afbeeldingen (Bron: Curriculum.nu, conceptvoorstellen leergebied Nederlands van 7 mei 2019.)

 

Hoe je de brug legt tussen de kerndoelen van het leergebied Nederlands en de dagelijkse lespraktijk

Van kerndoelen met een mooie samenhang naar de dagelijkse lessen met kleine losse stukjes uit het curriculum. Hoe voorkom je verzanding in losse doelen?

Ik zoom even in op de dagelijkse lespraktijk. Leerlingen vooruit helpen is doelen behalen. Doelen die soms wel, soms niet helder voor leerlingen zijn. Daarbij komt dat leerlingen vaak het nut niet zien van wat ze leren. Ze ervaren lessen als losstaand, zonder samenhang, zonder doel. Met name bij begrijpend lezen ervaren leerlingen een chaotische brei aan informatie en nutteloosheid.

Maar dan neem ik je weer mee naar het nieuwe curriculum. In het nieuwe curriculum is er een samenhang tussen de kerndoelen, en daardoor ook een samenhang tussen de grote opdrachten en bijbehorende bouwstenen. De bouwstenen zijn heel mooi uitgewerkt in kennis en vaardigheden. En die kennis en vaardigheden ga jij straks overbrengen op de leerlingen in de dagelijkse lespraktijk.

Van belang is om leerlingen de samenhang van het leergebied Nederlands goed compact mee te geven. Dit doe je door het pijlenmodel BEGRIP te gebruiken als basis of kapstok, waarin al veel begrippen uit de bouwstenen zijn verwerkt. Het pijlenmodel BEGRIP maakt de verbanden visueel, overzichtelijk en het is multi toepasbaar. Het pijlenmodel BEGRIP is een didactisch hulpmiddel. Je gebruikt het in de dagelijkse lessen en waarbij in 1 oogopslag de samenhang op papier staat.

Uiteraard moeten leerlingen het middel leren gebruiken en de logica erachter leren, begrijpen en zelf toepassen. Maar het is een uitstekende brug. Wanneer je leerlingen leert werken met het pijlenmodel BEGRIP geef je hen het overzicht mee van de samenhang binnen het leergebied Nederlands. Ook geef je hen handreikingen mee voor andere leergebieden.

Op het moment dat je hebt leren werken met het pijlenmodel BEGRIP, dan leg je daarmee de brug tussen de samenhang van de kerndoelen en de dagelijkse onderwijsinhoud. In de online training leg ik elk van de onderdelen van het pijlenmodel BEGRIP uit, zodat je er flexibel mee leert werken.

 

Hoe je eenvoudig extra lestijd creëert

Stel dat je met teksten gaat werken die leerlingen toch al moeten gaan lezen in plaats van methode gebonden teksten. Stel dat je teksten gaat lezen met leerlingen die passend bij een van de nieuwe leergebieden. Denk bijvoorbeeld aan het leergebied ‘mens en maatschappij’. Een van de bouwstenen daarvan is ‘produceren en organiseren’. Op de basisschool leren leerlingen dan over samenwerkingsvormen (zoals: de gemeente, waterschappen en een bedrijf). Ze leren over de verschillende rollen die er zijn binnen organisaties en hoe organisaties werken. Stel dat je die teksten eerst goed gaat begrijpen met behulp van het pijlenmodel BEGRIP. Leerlingen snappen dan het standpunt van de schrijver goed en leren samenvatten, de hoofdgedachte eruit filteren, conclusies trekken en er kritisch over nadenken.

Twee vliegen in één klap. Een tekst voor meerdere leergebieden. Zowel doelen van het leergebied Nederlands behaald, als doelen van het leergebied mens en maatschappij. Waar je normaal gesproken een losse les begrijpend lezen had, ga je begrijpend lezen nu ter ondersteuning van verschillende leergebieden gebruiken.  

Na het begrijpen van de tekst leg je linken naar andere leergebieden van het nieuwe curriculum: zoals burgerschap, rekenen en wiskunde, digitale geletterdheid, mens en natuur. Wanneer je de tekst daarna nog verder wilt gebruiken, heb je de mogelijkheid om deze creatief te verwerken voor publiek: bijvoorbeeld mondelinge, schriftelijke of digitale presentatievorm (en daar ligt weer de samenhang met leergebied Nederlands).

Leerlingen hebben het nodig om de teksten te begrijpen die ze lezen. Want de informatie uit de tekst hebben ze daarna weer nodig om te verwerken (bijvoorbeeld: om iets te onderzoeken, ontwerpen, organiseren of presenteren).

Schroom niet om teksten pre-teaching thuis te laten lezen. Zo betrek je ouders bij de inhoud van het project.

Dus één tekst als basis, als rijke tekst. En daarop bouw je voort met verschillende bouwstenen uit verschillende leergebieden.

Het is daarom mijn missie dat het pijlenmodel BEGRIP bij elke leerkracht bekend is, zodat elke tekst bruikbaar is om te analyseren, te begrijpen en verder toe te passen. Dan hebben leerkrachten en leerlingen hetzelfde denkkader. Geen geïsoleerde lessen meer, maar samenhang in het onderwijs. Veel leuker voor leerlingen en veel uitdagender voor leerkrachten. En het levert uiteindelijk extra lestijd op.

 

Hoe je begrijpend lezen blijft inbedden andere leergebieden

Het is een spannende stap om zelf begrijpend lezen te gaan geven. Het is natuurlijk veel makkelijker om methodes te volgen. Daar komt nog bij dat er een schreeuwend leerkrachten tekort is en er geregeld leerkrachten uitvallen. Dan is het voor een invaller nodig dat er snel ingestapt kan worden. Onderwijs is doelen behalen, dat is een spanningsveld in de onderwijssector.

Maar wanneer je als team elke 6 weken vooruit werkt in de voorbereidingen, dan is het voor elk teamlid duidelijk waaraan gewerkt gaat worden, ook welke teksten aan bod gaan komen. Om een project voor te bereiden zal er effectiever vergaderd moeten worden. Hier liggen naar mijn mening kansen voor het onderwijs. De schoolleider is bepalend voor de inhoud van de vergaderingen.

Vergader alleen over wat er echt toe doet:

  • Richt je ogen op de kerndoelen en grote opdrachten voor het onderwijs.

  • Hang alles wat je doet daaraan op

  • Soms is ‘nee’ zeggen ook een mogelijkheid. Nee zeggen tegen taken en lessen die niet relevant genoeg zijn.

  • Zorg ervoor dat je keuzes maakt om je doelen te bereiken.

  • Hoe beter je de samenhang maakt met andere leergebieden, hoe effectiever je onderwijstijd.

  • Zoek bronnen die ondersteunend zijn aan je project of thema. Je kunt je methodes als bronnenboeken gebruiken, net als dat je boeken uit de bibliotheek of teksten van het internet kunt inzetten.

  • Kies verwerkingsopdrachten die niet los staan, maar waarbij je project wordt verwerkt.

  • Zorg voor heldere eisen. Dan weten leerlingen waar ze aan moeten voldoen en wat ze moeten bereiken.

Door teksten (begrijpend lezen) als onderlegger te gebruiken bij de andere leergebieden, levert je dat  onderwijstijd op. Tijd om met leerlingen op pad te gaan. Tijd om leerlingen wat meer persoonlijke aandacht te geven. Tijd om….Vul maar in. In elk geval tijd om aan kwaliteitsverbetering te doen.

 

Samenvatting, hoofdgedachte en conclusie

Samengevat: Het leergebied Nederlands heeft kerndoelen, grote opdrachten en bouwstenen met een mooie samenhang. Deze bouwstenen ga jij uitwerken in de dagelijkse lessen. Rijke teksten vormen de onderlegger onder het gehele onderwijs.

Hoofdgedachte: jij als leerkracht doet ertoe, omdat jij degene bent die de leerlingen onderwijst vanuit het nieuwe curriculum tijdens de dagelijkse lessen.

Conclusie: Het pijlenmodel BEGRIP functioneert als hulpmiddel om de brug te leggen, het helpt jou. Hoe beter begrijpend lezen in samenhang is met andere leergebieden, hoe meer tijdswinst je hebt en hoe interessanter je onderwijs is.

Neem contact op om te gaan werken met het pijlenmodel BEGRIP, zodat je voorbereid bent op het nieuwe curriculum. Ik help je graag.

error: kopiëren is niet toegestaan